Veelgestelde vragen


Heb jij vragen over cocreatie of consent besluitvorming die niet beantwoord werden door het boek, de podcast of het leermateriaal op deze website? Jef deelt hieronder zijn kennis en ervaring over allerlei interessante vragen. Zit jouw vraag er nog niet tussen? Contacteer Jef dan voor het antwoord en zorg zo mee dat deze lijst aangevuld raakt met nog meer relevante vragen over consent besluitvorming!
Het meeste leer je door in de praktijk aan de slag te gaan met consent besluitvorming, niet door er eindeloos over te blijven lezen of nadenken 😉 Zorg ervoor dat je de definitie van consent en die van een bezwaar begrijpt en ga daar al eens mee aan de slag in jouw team of vergaderingen voor makkelijkere, dagdagelijkse beslissingen.

Om vanuit die eerste ervaringen verder te lezen, zijn goede bronnen:
– Het boek ‘Consent besluitvorming’ van Jef Cumps
– De podcast ‘Slim, snel en samen beslissen’ van Jef Cumps en Bob Vanderstukken
– Alle instrumenten en informatie op deze website
– Het boek ‘Sociocratie 3.0’ van Jef Cumps (een business novelle)
– De website van Sociocratie 3.0
Deze episode over drivers en deze over consent vanuit de podcast ‘Durf Leiden’ van Sara Leysen
– Boeken zoals ‘Collective power’ van Ted Rau die je op de literatuurlijst op deze website terugvindt

Consent besluitvorming is toepasbaar in elk team of organisatie waar men bewuster en effectiever in groep wil leren beslissen. Organisaties waar beslissingen eenzijdig en top-down worden genomen, leren door consent besluitvorming om de juiste mensen op een efficiënte manier te betrekken, waardoor meer collectieve intelligentie, betrokkenheid en gedragenheid ontstaat. Groepen die een consensus-cultuur hebben, leren met consent sneller en duidelijker te beslissen, zonder hun menselijkheid te verliezen. 

Consent wordt toegepast in alle sectoren (overheid, onderwijs, zorg, business, tech, …) en in kleine en grote organisaties. In het boek en de podcast vind je inspirerende praktijkvoorbeelden vanuit verschillende organisaties.

Sommige teams die met consent werken, maken daarbij het verschil tussen enerzijds persoonlijke bezwaren, die enkel met de persoon die het bezwaar inbrengt te maken hebben, en anderzijds principiële of organisatie-bezwaren, die aantonen dat behoeften van het team of de organisatie niet voldoende ingevuld worden. Dit onderscheid maken kan helpend zijn, omdat degene die een bezwaar inbrengt daardoor moet onderzoeken of zijn bezwaar met een persoonlijke voorkeur of wens te maken heeft, of dat er echt schade ontstaat. En indien dat zo is, welke de schadelijke effecten zijn en in welke mate die ook impact op team en organisatie hebben.

Het is in mijn ervaring gevaarlijk om dit onderscheid te strak of te éénzijdig te hanteren. Want wanneer bijvoorbeeld één teamlid zoveel last of hinder ondervindt van een voorstel dat zijn motivatie of betrokkenheid sterk daalt, is dat dan niet per definitie ook schadelijk voor het team? Laat het onderscheid tussen persoonlijke of collectieve impact van een voorstel dus een goede ingang zijn voor reflectie, maar niet een zwart-wit kijk op de geldigheid van een bezwaar.

Nee, dat hoeft niet, of toch zeker niet heel technisch en formeel. De driver hoeft niet altijd expliciet gemaakt worden, hoewel het wel vaak nuttig is om even te benoemen waarom een bepaalde beslissing nodig is. De meeste mensen gaan sneller mee in een beslissing als ze de meerwaarde of motivatie ervan begrijpen.


Een voorstel moet altijd op één of andere manier ontstaan, anders heb je niets om bezwaren op te gaan zoeken. Maar dat voorstel hoeft niet formeel, participatief of met bepaalde technieken opgesteld te zijn. Ik zie voor minder impactvolle of lastige beslissingen vaak dat iemand spontaan met een voorstel komt, zonder de driver te expliciteren en dan snel bij teamleden of betrokkenen checkt of er bewaren zijn. Dat kan perfect werken. Alleen… als er dan bezwaren ontstaan, is het goed de reflex te hebben om te kijken in welke mate het ontbreken van een expliciete driver voor dat bezwaar zorgt. Dat is soms het geval, en dan is de stap ’terug’ naar de driver wel even nodig. Soms heeft iemand geen inhoudelijk bezwaar maar voelde hij of zij zich niet betrokken in het voortraject, en dient daarom vage, emotionele bezwaren in… dat zou een signaal kunnen zijn dat het maken de driver en opstellen van een voorstel wat bewuster, explicieter en/of participatiever zou kunnen.

Een herkenbare situatie… Het helpt enorm om al vroeg in het proces bezwaren en bezorgdheden te scheiden, door als facilitator vooraf heel duidelijk het verschil uit te leggen en de handgebaren te gebruiken, zodat alle deelnemers al voor zichzelf het onderscheid moeten maken.

Bij een bezwaar moet het duidelijk worden wat het argument is dat aantoont dat het voorstel niet ‘goed genoeg voor nu en veilig genoeg om te proberen’ is. En dat er dus door het huidige voorstel schade ontstaat of het doel niet bereikt wordt. Deelnemers aan consent hebben de verantwoordelijkheid om – als ze bezwaar denken te hebben – op zoek te gaan naar de juiste argumenten, en zichzelf en hun overtuigignen daarbij in vraag te stellen. Dat kan natuurlijk alleen als iedereen begrijpt wat consent betekent, beseft dat daar ‘artful participation’ bijhoort en bereid is dat proces aan te gaan.

Behandel bezorgdheden ook niet als bezwaren en pas het voorstel niet meer aan op basis van bezorgdheden, want dat creëert verwarring en vraagt onnodig veel tijd om tot een afspraak te komen. Bezorgdheden worden enkel kort gehoord (zonder gesprek) en genoteerd.

Ik ga ervan uit dat er naast ons rationele, cognitieve denken ook veel wijsheid in ons lichaam zit. Die wijsheid wil je ook meenemen in een besluit. Daarvoor is het noodzakelijk om de signalen die ons lijf ons geeft te leren herkennen (lichaamsbewustzijn ontwikkelen) en er woorden aan te leren geven.

Wanneer iemand een bezwaar inbrengt vanuit een lijfelijke reactie en nog geen argumenten heeft, neem ik als facilitator dat signaal serieus op voorwaarde dat die persoon ook oprecht en eerlijk op (zelf)onderzoek wil gaan. Intuïtie mag geen excuus worden om niet tot een redenering of argument te komen. Je kan aan die persoon vragen wat er nodig is om er ook taal en argumenten op te plakken. Soms is wat tijd voldoende, even alleen zijn, enkele goeie vragen, etc. Zorg dan als facilitator dat je dat ondersteunt en dat die ruimte en tijd ontstaan in het beslissingsproces. Ook in deze situatie merk je weer hoe belangrijk de voorbereiding is, en hoe waardevol is het als deelnemers een voorstel vooraf toegestuurd krijgen. Want dan is er vooraf ruimte en tijd om de signalen die het lijf ons geeft te onderzoeken en leren verwoorden.

Voeg een vraag toe!


Zit jouw vraag over drivers, cocreatie of consent besluitvorming nog niet in dit lijstje? Stuur ze me hieronder door en ik bezorg je mijn antwoord en voeg jouw vraag toe aan deze pagina. Zo maken we samen deze bron van inspiratie zo rijk mogelijk. Alvast bedankt!